De iPhone heeft een interne herlaadbare batterij. Kies een van de onderstaande opties om de batterij op te laden:
Als u de batterij wilt opladen, sluit u de iPhone of iPod touch aan op een stopcontact met behulp van de meegeleverde kabel en een USB-stroomadapter.
Opmerking: iPhone 3G ondersteunt FireWire niet en kunnen niet vanaf een FireWire-voedingsbron worden opgeladen. Wanneer u een van de twee apparaten op een FireWire-oplader of FireWire-accessoire aansluit, krijgt u het onderstaande waarschuwingsscherm:
Sluit het apparaat met de meegeleverde kabel op uw computer aan (niet op uw toetsenbord) om de batterij te laden en te synchroniseren. Uw computer moet ingeschakeld zijn en niet in de sluimerstand of standbymodus staan. Als het apparaat is aangesloten op een computer die niet is ingeschakeld of in de sluimerstand of stand-bymodus staat, kan de batterij van de iPhone leeglopen.
Rechtsboven op het scherm geeft een symbool de laadstatus van de batterij aan. Als u de batterij laadt tijdens het synchroniseren of het gebruik van de iPhone, kan het laden langer duren.
Opmerking: als u een laptop gebruikt, dient u ervoor te zorgen dat deze is aangesloten op een voedingsbron en dat de klep of het scherm geopend is. Als de klep gesloten is, kan de computer in de standby-, sluimer- of winterslaapstand gaan, waardoor de iPhone mogelijk niet goed wordt opgeladen.
Belangrijk: als de batterij van de iPhone bijna leeg is, kan een van de volgende symbolen worden weergegeven om aan te geven dat de iPod touch tot tien minuten moet worden opgeladen voordat u hem kunt gebruiken. Als de batterij van het apparaat zo goed als leeg is, kan het beeldscherm gedurende bijna twee minuten leeg blijven, waarna een van de symbolen verschijnen die aangeven dat de batterij bijna leeg is. Wanneer u de witte symbolen voor opladen of aansluiten niet ziet, is uw iPhone mogelijk aangesloten met een FireWire-kabel. Koppel de FireWire-kabel los en sluit de iPhone aan op een USB-kabel of op een dock.
Oplaadbare batterijen kunnen een beperkt aantal malen worden opgeladen. De gebruiksduur van de batterij en het aantal keren dat de batterij kan worden opgeladen, zijn afhankelijk van het gebruik en de instellingen.
De batterij-indicator op de iPhone geeft bij benadering aan hoe sterk de batterij nog is opgeladen.
Wanneer u de iPhone op uw computer aansluit, worden onderdelen automatisch gesynchroniseerd op basis van de voorkeuren die u in iTunes hebt ingesteld. U kunt bijvoorbeeld telefoonnummers en adressen van familie, vrienden en bekenden op uw computer invoeren, de iPhone aansluiten om te synchroniseren en vervolgens de iPhone loskoppelen en de naam van een vriend aantikken op het aanraakscherm om deze te bellen.
U hoeft slechts eenmaal op uw computer in te stellen welke onderdelen in iTunes worden gesynchroniseerd. Daarna hoeft u maar de iPhone aan te sluiten om het synchroniseren te starten.
Contacten, agenda's en bladwijzers worden gesynchroniseerd vanaf (of naar) uw computer. Dus als u deze op de iPhone toevoegt, wijzigt of verwijdert, worden ze ook op uw computer gewijzigd, en omgekeerd. U kunt ook contactgegevens met uw Yahoo!- of Google-adresboek synchroniseren.
Instellingen van e-mailaccounts, muziek, films, tv-programma's, podcasts en foto's worden gesynchroniseerd in één richting, van uw computer naar de iPhone (foto's die met de iPhone zijn gemaakt, kunt u echter wel naar uw computer importeren).
Desgewenst kunt u slechts een deel van uw computergegevens synchroniseren met de iPhone. Zo kunt u bijvoorbeeld alleen een contactgroep uit uw adresboek synchroniseren, of alleen muzieknummers van bepaalde afspeellijsten, zodat u de iPhone niet opvult met meer gegevens dan u wenst.
Synchronisatie instellen
U gebruikt iTunes op uw computer om in te stellen welke onderdelen worden gesynchroniseerd. Zorg ervoor dat u de laatste versie van iTunes hebt. Op een pc opent u iTunes en kiest u Help > Zoeken naar updates. Op een Mac opent u iTunes en kiest u iTunes > Zoek naar updates.
Stap 1: De iPhone aansluiten
Sluit de iPhone met de meegeleverde kabel aan op uw computer. U kunt de kabel direct van uw computer aansluiten op de iPhone, of u kunt de kabel van uw computer aansluiten op het Apple Universal Dock (afzonderlijk verkrijgbaar) en de iPhone in het dock plaatsen. iTunes wordt standaard automatisch geopend.
Selecteer in iTunes de iPhone links onder Apparaten en klik op het tabblad Info.
Stap 2: Instellen welke onderdelen worden gesynchroniseerd
Klik in iTunes op de respectieve tabs om op te geven welke media en informatie u vanaf uw computer naar de iPhone wilt synchroniseren.
Stap 3: De iPhone synchroniseren
Klik rechtsonder in het scherm op Pas toe. Uw computer wordt op basis van de gekozen instellingen met de iPhone gesynchroniseerd.
De eerste keer dat u de iPhone synchroniseert, wordt u gevraagd of u gegevens wilt samenvoegen, gegevens voor de service wilt vervangen of gegevens op uw computer wilt vervangen. Daarna wordt iTunes geopend en gesynchroniseerd op basis van uw instellingen elke keer dat u de iPhone op uw computer aansluit.
U kunt de synchronisatie-instellingen op elk gewenst moment aanpassen wanneer de iPhone op uw computer is aangesloten. U kunt slechts met één iPhone of iPod touch tegelijk synchroniseren. Als u met meer dan één iPhone wilt synchroniseren, koppelt u het aangesloten apparaat los voordat u het andere apparaat aansluit.
Als u met de iPhone wilt bellen, hoeft u maar een naam aan te tikken. U hoeft uw contacten niet opnieuw in te voeren omdat u iPhone kunt synchroniseren met het adresboek dat u al op uw computer gebruikt (Adresboek of Entourage op een Mac of Microsoft Outlook-contactpersonen of Outlook Express op een pc). Ook als u uw contacten op het web bewaart in het Yahoo!- adresboek, kunt u iPhone hiermee synchroniseren. Als u zich wilt voorbereiden voor de iPhone, organiseert u uw contacten in een van deze toepassingen en zorgt u ervoor dat deze de recentste telefoonnummers en e-mailadressen bevatten. Als u geen contacten op uw computer hebt, hoeft u zich geen zorgen te maken. U kunt deze ook gewoon direct in de iPhone invoeren.
Agenda
Met de ingebouwde agenda van de iPhone hoeft u het scherm maar aan te raken om uw afspraken te controleren. Voor de iPhone gebruikt u iTunes, net zoals u dat voor uw contacten doet, om te synchroniseren met de agendatoepassing die u op uw computer gebruikt (iCal of Entourage op de Mac of de MS Outlook-agenda op een pc). Als u geen van deze toepassingen gebruikt om uw afspraken te beheren, is dit het ideale moment om daarmee te beginnen, zodat u klaar bent om te synchroniseren wanneer uw iPhone beschikbaar is. Ook als u ervoor kiest om geen agendaprogramma te gebruiken, zit u goed. U kunt uw afspraken direct in de iPhone-agenda invoeren.
iTunes gebruiken om informatie met de iPhone te synchroniseren
Als u informatie tussen uw computer en iPhone wilt synchroniseren, moet iTunes zijn geïnstalleerd. Zie iPhone en iPod touch synchroniseren met uw computer voor extra informatie.
Gegevens van uw oude telefoon overbrengen naar Windows XP/Vista (software gebruiken die bij uw telefoon is meegeleverd)
Als u Windows XP of Vista gebruikt, vindt u hier een aantal tips om gegevens van uw oude telefoon naar Windows XP of Vista over te brengen:
Maak gebruik van de software die bij uw telefoon is meegeleverd. Een groot aantal telefoons heeft toepassingen waarmee u contacten, agenda's en andere Personal Information Manager -gegevens met Windows XP of Vista kunt synchroniseren. U kunt deze software installeren om de contacten en agenda's van uw oude telefoon naar uw computer over te brengen.
Als u op uw oude telefoon slechts enkele contacten of agenda's hebt, is het mogelijk eenvoudiger om deze handmatig in een ondersteunde Windows XP- of Vista-toepassing of op de iPhone in te voeren.
Gegevens van uw oude telefoon naar Mac OS X PIM-toepassingen overzetten (met iSync)
Als u een Mac-gebruiker bent, vindt u hier een aantal tips om gegevens van uw oude telefoon naar de Mac over te zetten:
Mac OS X bevat iSync, waarmee u bepaalde telefoons met uw Mac kunt synchroniseren en informatie van uw oude telefoon direct naar Adresboek en iCal worden overgezet, zodat u deze eenvoudig met de iPhone kunt synchroniseren.
Mogelijk dient u de cd-software van uw oude telefoon te installeren voor Mac OS X-ondersteuning of PIM-synchronisatiesoftware voor Mac van een andere leverancier aanschaffen.
Als u op uw oude telefoon slechts enkele contacten of agenda's hebt, is het mogelijk eenvoudiger om deze handmatig in een ondersteunde Mac-toepassing of op de iPhone in te voeren.
Adresboekgegevens van uw oude telefoon overzetten met de simkaart
Als u contacten van een simkaart wilt importeren, plaatst u de simkaart en tikt u Mail, Contacten, Agenda aan in Instellingen en tikt u vervolgens Importeer simcontacten aan.
Als u een iPhone-draagtas van een andere leverancier gebruikt, controleer dan of de draagtas de microfoon niet bedekt. Verwijder de draagtas en probeer enkele gesprekken te voeren om na te gaan of de persoon die u belt u nu duidelijker kan verstaan.
Als u de transparante beschermfolie die zich op het beeldscherm bevond bij de levering van de iPhone, niet hebt verwijderd, controleer dan of deze de microfoon niet bedekt of verwijder de folie helemaal.
Het geluid dat uit de luidspreker komt is laag of gedempt of mijn stem klinkt gedempt of stil wanneer ik in de microfoon spreek
Koppel de hoofdtelefoon los en sluit deze daarna weer aan. Zorg ervoor dat de connector volledig in de opening is geduwd.
Controleer het ingestelde volume op uw iPhone. U kunt het volume regelen door links op de iPhone op een van de volumeknoppen te drukken.
Als u muziek probeert te beluisteren en geen geluid hoort, controleer dan of de muziek op de iPhone niet is gepauzeerd. Knijp een keer op de microfoon van de hoofdtelefoon om het afspelen te hervatten. Daarnaast kunt u in het scherm Home ook iPod > Now Playing kiezen en daarna op Play tikken.
Zorg ervoor dat de recentste versie van iTunes is geïnstalleerd op de computer waarmee u de iPhone synchroniseert (tracks die met oudere versies van iTunes in de iTunes Store zijn gekocht, kunnen niet worden afgespeeld).
Probeer een andere Appel hoofdtelefoon (voor het gebruik van een hoofdtelefoon van een andere leverancier met de originele iPhone is mogelijk een adapter vereist)
Probeer een andere track of video af te spelen.
Controleer of de alarmgeluiden van de iPhone of andere iPhone-geluidseffecten dezelfde geluidsproblemen vertonen.
Koppel de stereohoofdtelefoon of de hoofdtelefoon van de iPhone los en controleer of de geluiden uit de ingebouwde luidsprekers correct klinken.
Belangrijk: iPhone 3G kan niet worden opgeladen met een FireWire-lichtnetadapter of een FireWire- autolader. Als de iPhone is aangesloten op een computer die niet is ingeschakeld of die in de sluimer- of standbymodus staat, kan de iPhone-batterij leegraken.
Controleer of het stopcontact dat u gebruikt, correct werkt.
Probeer een andere lader, indien die beschikbaar is.
Als geen andere lader beschikbaar is, sluit dan het apparaat aan op een high-power USB 2.0-poort (niet op een toetsenbord). De computer moet ingeschakeld zijn en mag niet in de sluimer- of standbymodus staan.
Belangrijk: iPhone 3G kan niet worden opgeladen met een FireWire-lichtnetadapter of een FireWire- autolader. Als de iPhone is aangesloten op een computer die niet is ingeschakeld of die in de sluimer- of standbymodus staat, kan de iPhone-batterij leegraken.
Als op het scherm een symbool aangeeft dat de iPhone-batterij bijna leeg is, moet u deze tot 10 minuten lang opladen alvorens deze opnieuw te gebruiken.
Onderbreek het laden van de iPhone niet tot deze volledig is opgeladen. De batterij is volledig opgeladen als het icoontje in de rechterbovenhoek van het scherm er zo uitziet:
Als u het laden uitvoert met behulp van uw computer, sluit de iPhone dan niet aan op uw toetsenbord. Bovendien moet de computer ook ingeschakeld zijn en mag deze niet in de sluimer- of standbymodus staan. Als de iPhone is aangesloten op een computer die niet is ingeschakeld of die in de sluimer- of standbymodus staat, kan de iPhone-batterij leegraken.
Schakel de iPhone uit en weer in. Houd de knop Sleep/Wake aan de bovenzijde van de iPhone gedurende enkele seconden ingedrukt tot een rode schuifregelaar verschijnt en versleep dan die schuifregelaar. Druk daarna op de knop Sleep/Wake tot het Apple logo verschijnt.
Als dat niet werkt, sluit dan het apparaat aan op de iPhone-lader en laadt het gedurende minimaal 10 minuten op. Opmerking: iPhone 3G ondersteunt geen FireWire en zal niet opladen vanuit een op FireWire gebaseerde netstroombron.
Als dat niet werkt, stel dan de ringer switch in op de andere stand en controleer of de eenheid trilt. Als de eenheid trilt, is het mogelijk dat de iPhone wel stroom krijgt, maar geen beeld weergeeft. (zie 'Beeldscherm heeft geen achtergrondverlichting of is donker' hieronder voor meer oplossingen.)
Probeer de iPhone opnieuw in te stellen wanneer deze op de iPhone-lader is aangesloten. Houd de knop Sleep/Wake en de knop Home tegelijk minimaal 10 seconden ingedrukt tot het Apple logo of batterijsymbool verschijnt. Als het batterijsymbool verschijnt, laad de iPhone dan verder op tot deze volledig is opgeladen.
Hierbij kan het gaan om problemen als een wit scherm, heldere of donkere pixels, lijnen in videobeelden of ontbrekende stukken in video's.
Schakel de iPhone uit en weer in. Houd de knop Sleep/Wake aan de bovenzijde van de iPhone gedurende enkele seconden ingedrukt tot een rode schuifregelaar verschijnt en versleep dan die schuifregelaar. Houd daarna de knop Sleep/Wake ingedrukt tot het Apple logo verschijnt.
Controleer of het probleem aan de inhoud ligt, door andere inhoud te bekijken.
Als het beeld te donker is, verhoogt u de helderheid. Kies in General Settings de optie Brightness en versleep de schuifregelaar.
Beeld kan niet op breedbeeldmodus worden ingesteld
Open een webpagina of video en probeer de iPhone zijwaarts te kantelen om te controleren of de breedbeeldmodus wordt geactiveerd.
Als dat niet werkt, probeer het dan eens met een andere webpagina of video.
Opmerking: niet alle programma's op de iPhone maken gebruik van de breedbeeldmodus. Video's worden automatisch weergegeven in breedbeeldmodus in iPod en YouTube.
Touchscreen reageert niet
Lees dit document voor tips over het gebruik van het touchscreen.
Het huidige iPhone-programma reageert mogelijk niet (vastgelopen). Houd de knop Home onder het scherm minimaal zes seconden ingedrukt tot het programma dat u gebruikte, wordt afgesloten.
Als dat niet werkt, schakel de iPhone dan uit en weer in. Houd de knop Sleep/Wake aan de bovenzijde van de iPhone gedurende enkele seconden ingedrukt tot een rode schuifregelaar verschijnt en versleep dan die schuifregelaar. Houd daarna de knop Sleep/Wake ingedrukt tot het Apple logo verschijnt.
Als dat niet werkt, stel dan de iPhone opnieuw in. Houd de knop Sleep/Wake en de knop Home tegelijk minimaal 10 seconden ingedrukt, tot het Apple logo verschijnt.
Reinig het iPhone-scherm met het reinigingsdoekje dat bij de iPhone is meegeleverd.
Beeldscherm heeft geen achtergrondverlichting of is donker
Stel de ringer switch in op de andere stand en controleer of de eenheid trilt. Als de eenheid trilt, is het mogelijk dat de iPhone wel stroom krijgt, maar geen beeld weergeeft.
Schakel de iPhone uit en weer aan. Houd de knop Sleep/Wake aan de bovenzijde van de iPhone gedurende enkele seconden ingedrukt tot een rode schuifregelaar verschijnt en versleep dan die schuifregelaar. Druk daarna op de knop Sleep/Wake tot het Apple logo verschijnt.
Probeer de iPhone opnieuw in te stellen wanneer deze op de iPhone-lader is aangesloten. Houd de knop Sleep/Wake en de knop Home tegelijk minimaal 10 seconden ingedrukt tot het Apple logo of batterijsymbool verschijnt. Als het batterijsymbool verschijnt, laad de iPhone dan verder op tot deze volledig is opgeladen.
Lees het document "iPhone Basic troubleshooting" (Algemene problemen met de iPhone oplossen) voor meer informatie over het oplossen van dit probleem.
iPhone vergrendelt niet bij het beantwoorden van gesprekken
Plaats uw hand bovenaan op één derde van het beeldscherm en controleer of het scherm wordt vergrendeld of naar de sluimerstand gaat.
Nergens telefoonsignaalsterkte
Controleer of u zich in een gebied met netwerkdekking bevindt. Raadpleeg het document HT1381 voor gebieden met netwerkdekking of neem contact op met uw mobiele netwerkaanbieder.
Controleer of de SIM-kaart met iTunes is geactiveerd:
Sluit de iPhone aan op een USB 2.0-poort van uw Mac of pc (niet op het toetsenbord) met de meegeleverde dock en kabel. iTunes wordt automatisch geopend.
Volg de scherminstructies in iTunes om de iPhone te activeren en uw contactpersonen, agenda's, muziek, foto's, podcasts, video's, e-mailaccounts en webbladwijzers te synchroniseren.
Belangrijk: na de activering kan de iPhone al na 15 minuten gesprekken ontvangen. Als u uw huidige telefoonnummer migreert, kan het langer duren (tot zelfs enkele dagen, afhankelijk van het type en de status van uw vorige serviceaccount) voordat gesprekken naar de iPhone worden omgeleid. Ondertussen kunt u zelf bellen en de andere functies van de iPhone gebruiken.
Schakel de iPhone uit en weer in. Houd de knop Sleep/Wake aan de bovenzijde van de iPhone gedurende enkele seconden ingedrukt tot een rode schuifregelaar verschijnt en versleep dan die schuifregelaar. Houd daarna de knop Sleep/Wake ingedrukt tot het Apple logo verschijnt.
Tik in het scherm Home op Settings en schakel de vliegtuigmodus in. Wanneer de vliegtuigmodus is ingeschakeld, verschijnt in de statusbalk boven aan het scherm, en verzendt de iPhone geen signalen voor mobiele telefonie, radio, Wi-Fi of Bluetooth.
Het bericht 'Geen verbinding' verschijnt in de linker bovenhoek van het scherm.
Probeer de vliegtuigmodus 'aan'- en 'uit' te zetten. Wacht een aantal seconden tussen het aan- en uit zetten.
Als dat niet werkt, kunt u een andere locatie proberen.
Als een andere locatie wel werkt, maar de oorspronkelijke locatie nog steeds niet werkt, neem dan contact op met uw aanbieder om het probleem te melden.
Als het bericht aanwezig is bij elke locatie heeft uw iPhone service nodig.
Knoppen en schakelaars
De knop Sleep/Wake vergrendelt of ontgrendelt de iPhone niet
Klik op de knop Sleep/Wake om de iPhone te vergrendelen. Opmerking: als u het scherm een minuut lang niet aanraakt, zal de iPhone standaard automatisch worden vergrendeld.
Als u de iPhone wilt ontgrendelen, drukt u op de knop Home of de knop Sleep/Wake en versleept u de schuifregelaar.
Als dat niet werkt, schakel dan de iPhone uit en weer in. Houd de knop Sleep/Wake aan de bovenzijde van de iPhone gedurende enkele seconden ingedrukt tot een rode schuifregelaar verschijnt en versleep dan de schuifregelaar. Houd daarna de knop Sleep/Wake ingedrukt tot het Apple logo verschijnt.
Probeer de iPhone te vergrendelen of te ontgrendelen.
De knop Home reageert traag
Als de knop Home traag reageert bij het afsluiten van één programma, probeert u een ander programma.
Als het probleem zich alleen voordoet bij bepaalde programma's kunt u proberen deze programma's te verwijderen en opnieuw te installeren. Voor verdere hulp bij het installeren van programma's en probleemoplossingen zie dit artikel
Als dit probleem zich blijft voordoen, schakelt u de iPhone uit en vervolgens weer in.
Als dit probleem zich blijft voordoen dient u de iPhone opnieuw in te stellen (reset). Houd de knop Sleep/Wake en de knop Home ten minste 10 seconden, of totdat het Apple logo verschijnt,.tegelijk ingedrukt.
Als de iPhone niet ontwaakt, heeft het service nodig.
Camera
Camera werkt niet
Tik op Camera richt de lens naar het gewenste object en maak een opname. Opmerking: als u een foto maakt wanneer de iPhone zijwaarts is gekanteld, wordt die foto automatisch opgeslagen in liggende stand. Als u Camera op geen enkele Home-scherm ziet, controleer dan dat Beperkingen uit staat door te tikken op Instellingen > Algemeen > Beperkingen. Als Beperkingen zijn ingeschakeld, zet u Camera toelaten op AAN of tikt u Beperkingen uitschakelen (bij iPhone-software 2.1 of hoger).
Als dat niet werkt, reinigt u de cameralens met het reinigingsdoekje dat bij de iPhone is meegeleverd.
Verwijder de SIM-kaart. Steek het hulpmiddel voor het uitwerpen van de SIM-kaart of het uiteinde van een paperclip in het gaatje van de SIM-sleuf. Duw het uiteinde stevig en recht in de sleuf tot de sleuf naar buiten komt. Lees dit document voor meer informatie.
Controleer of de SIM-kaart niet is beschadigd of vuil is.
Plaats de SIM-kaart opnieuw in de SIM-sleuf.
Als dat niet werkt, probeert u het, indien mogelijk, met een andere kaart om te controleren of die kaart wel wordt gedetecteerd.
Wanneer u de iPhone op uw computer aansluit, moet op het scherm een afbeelding of bericht worden weergegeven. Als u geen afbeelding ziet, leest u het ondersteuningsartikel HT1737 voor oplossingen voor problemen waarbij de iPhone niet kan worden ingeschakeld. In sommige gevallen wordt op het scherm mogelijk het volgende bericht weergegeven: "Bezig met opladen... Even geduld". Dit betekent dat het laadniveau van de batterij van de iPhone onvoldoende is en dat de batterij enkele minuten moet worden opgeladen voordat het apparaat in iTunes kan worden herkend. In andere gevallen ziet u mogelijk een bericht dat aangeeft dat uw iPhone een onderhoud nodig heeft. Als dit zo is, leest u de Veelgestelde vragen over de iPhone-service voor informatie.
Zorg ervoor dat de stuurprogramma's van de computer zijn bijgewerkt
Klik hier voor informatie over hoe u kunt controleren of de recentste stuurprogramma's op de computer zijn geïnstalleerd.
Controleer de USB-aansluitingen
Voor de iPhone is USB 2.0 vereist. Raadpleeg de documentatie voor uw computer om te controleren of de USB-poorten high-power USB 2.0-poorten zijn. Probeer de iPhone aan te sluiten op een andere USB-poort, bij voorkeur een poort die is ingebouwd in de computer in plaats van een externe USB-hub. Het is niet aangeraden de iPhone aan te sluiten op de USB-poorten van uw toetsenbord.
Start uw pc opnieuw op
In sommige gevallen zijn de USB-poorten van uw computer mogelijk tijdelijk uitgeschakeld of ondervindt u andere aan software gerelateerde problemen. Uw pc opnieuw opstarten is een eenvoudige stap die dit probleem mogelijk kan oplossen.
Controleer de installatie van het stuurprogramma of de service van de iPhone
U hebt twee belangrijke softwareonderdelen nodig om de iPhone goed te laten werken in Windows. Ten eerste moet het stuurprogramma zijn geïnstalleerd. Voor de iPhone is het stuurprogramma USBAAPL.SYS. Ten tweede moet Apple Mobile Device Support als een Windows-service zijn geïnstalleerd. Als deze onderdelen niet zijn geïnstalleerd, raadpleegt u hieronder de sectie Installeer iTunes opnieuw.
Controleer of het stuurprogramma is geïnstalleerd door de iPhone op de computer aan te sluiten en de volgende stappen uit te voeren:
Klik in het menu Start op Uitvoeren.
Typ devmgmt.msc in het veld Openen en klik op OK. Er wordt een lijst met services weergegeven.
Schuif omlaag naar de USB-controllers en klik op het plusteken om deze groep uit te vouwen. De iPhone wordt hier weergegeven als Apple iPhone of Apple mobiel apparaat, afhankelijk van de versie van het geïnstalleerde stuurprogramma.
Klik met de rechtermuisknop op Apple iPhone (of Apple mobiel apparaat) en kies Eigenschappen in het snelmenu.
Selecteer in het venster Eigenschappen dat wordt geopend, het tabblad Stuurprogramma.
Klik op Stuurprogrammagegevens voor meer informatie.
Controleer met de MMC-module Services of de Apple Mobile Device Service is geïnstalleerd en correct werkt. Volg hierbij de volgende stappen:
Klik in het menu Start op Uitvoeren.
Typ services.msc in het veld Openen en klik op OK. Er wordt een lijst met services weergegeven.
Geef de lijst in alfabetische volgorde weer en controleer of de Apple Mobile Device Service de status Gestart heeft.
Als de status niet aangeeft dat de service is gestart, klikt u met de rechtermuisknop op Apple Mobile Device Service en kiest u Starten in het snelmenu.
Als de service is geïnstalleerd en gestart, klikt u met de rechtermuisknop op de service en kiest u Opnieuw starten in het snelmenu.
Klik in het menu Start op Uitvoeren.
Typ eventvwr.msc in het veld Openen en klik op OK.
Als het stuurprogramma is geïnstalleerd en de service is geïnstalleerd en gestart, controleert u in Logboeken of er foutmeldingen zijn.
Voor de iPhone geldt een minimumversievereiste voor iTunes. Apple raadt aan de nieuwste versie van iTunes te gebruiken. U kunt controleren welke iTunes-versie u gebruikt door Over iTunes te kiezen in het menu Help. Ga naar de pagina Apple Support Downloads via support.apple.com/downloads/ om de nieuwste versie te downloaden en installeren of kies Help > Zoeken naar nieuwe versies in iTunes.
Hoewel u iTunes doorgaans niet hoeft te verwijderen voordat u het programma opnieuw installeert, is dit in sommige gevallen wel aangeraden. Als wordt gemeld dat de vereiste software voor iPhone niet is geïnstalleerd en u wordt gevraagd om het iTunes-installatieprogramma uit te voeren en iTunes te verwijderen, moet u iTunes verwijderen voordat u het programma opnieuw installeert. Lees het ondersteuningsartikel HT1925 voor meer informatie over het verwijderen van iTunes.
Voor het toevoegen van een Exchange-account aan uw iPhone of iPod touch, tik op Instellingen, vervolgens E-mail, Contacten, Agenda's, vervolgens Voeg account toeen vervolgens Microsoft Exchange Let op, u kunt slechts een Exchange-account per apparaat configureren.
Voer in het volgende scherm uw volledige e-mailadres, gebruikersnaam, wachtwoord en een beschrijving in (dat kan alles zijn wat u wilt). Informeer bij de beheerder van uw Exchange-server als u niet zeker bent over het domein. Als u uw mappenlijst niet kunt bekijken of als u geen e-mail kunt verzenden of ontvangen, laat u het domeinveld leeg.
Uw iPhone (of iPod touch) probeert nu uw Exchange-server te vinden met behulp van de service Autodiscovery van Microsoft. Wanneer de server niet kan worden gevonden, wordt het scherm hieronder getoond. Voer het volledige adres van uw front-end Exchange-server in het veld Serverin. Neem contact op met de beheerder van uw Exchange-server wanneer u twijfels hebt over het adres.
Uw iPhone of uw iPod touch probeert een veilige verbinding (SSL) met uw Exchange-server te maken. Wanneer dit niet lukt, probeert deze een andere verbinding dan een SSL-verbinding te maken. Ga voor het overschrijven van de SSL-instelling naar Instellingen, vervolgens naar E-mail, Contacten, Agenda's, selecteer uw Exchange-account, tik op Accountgegevens en schakel de Use SSL-slider in/uit.
Nadat een verbinding met de Exchange-server is gemaakt, kan u gevraagd worden om de toegangscode van uw apparaat te wijzigen overeenkomstig het beleid dat op uw server is vastgelegd.
Kies welk(e) gegevenstype(s) u wilt synchroniseren: E-mail, Contacten en Agenda's. Let op: er worden slechts tot drie dagen e-mails gesynchroniseerd. Ga voor meer synchroniseren naar Instellingen, vervolgens naar E-mail, Contacten, Agenda's, selecteer uw Exchange-account en tik op de e-maildagen om te synchroniseren.
Let op dat na het configureren van een Exchange ActiveSync-account alle bestaande contact- en agendagegevens op de iPhone of iPod touch worden overschreven. Verder synchroniseert iTunes geen contacten en agenda's meer met uw desktopcomputer. U kunt nog steeds uw iPhone of iPod draadloos met de MobileMe-services synchroniseren.
Afhankelijk van het abonnement van uw aanbieder kunt u bellen naar het buitenland en mogelijk zijn hiervoor tarieven voor internationaal bellen van toepassing. Voor meer informatie over bellen naar het buitenland, zoals tarieven en andere kosten die mogelijk van toepassing zijn, neemt u contact op met uw aanbieder of gaat u naar de website van de aanbieder.
Internationale roaming
U kunt de iPhone gebruiken om te bellen naar verschillende landen ter wereld. U moet eerst het contract van uw aanbieder aanpassen voor internationale roaming. Opmerking: er zijn mogelijk kosten voor roaming van toepassing op stem en data. Schakel Dataroaming uit om extra kosten voor dataroaming te voorkomen. Neem contact op met uw aanbieder voor meer informatie over kosten voor roaming.
iPhone kan automatisch uw landnummer toevoegen aan telefoonnummers in uw lijst met contacten wanneer u belt vanuit een ander land met Internationaal bellen. Op deze manier kunt u bellen door contacten of favorieten te selecteren zonder de telefoonnummers te bewerken. Als u Internationaal bellen wilt inschakelen of uitschakelen, gaat u naar Instellingen > Telefoon in het beginscherm van iPhone.Internationaal bellen is standaard ingeschakeld.
Wanneer u zich buiten het netwerk van uw aanbieder bevindt, kunt u mogelijk een andere aanbieder kiezen in het gebied waar u zich bevindt.
Voor meer informatie over bellen naar het buitenland, zoals tarieven en andere kosten die mogelijk van toepassing zijn, neemt u contact op met uw aanbieder of gaat u naar de website van de aanbieder.
Netwerk van aanbieder instellen
Tijdens roaming kunt u de gewenste aanbieder instellen. Tik bij Instellingen op Aanbieder en selecteer het gewenste netwerk. Opmerking: deze instelling wordt weergegeven wanneer u zich buiten het netwerk van uw aanbieder bevindt en plaatselijke netwerken beschikbaar zijn voor uw telefoongesprekken en mobiele gegevensverbindingen.
U kunt alleen bellen via aanbieders die roamingovereenkomsten hebben bij uw iPhone-serviceaanbieder. Er worden mogelijk kosten voor roaming in rekening gebracht door het geselecteerde netwerk.
Dataroaming in- of uitschakelen
U kunt voorkomen dat er kosten voor dataroaming in rekening worden gebracht wanneer u zich buiten het netwerk van uw aanbieder bevindt door Dataroaming uitgeschakeld te laten (Dataroaming is standaard uitgeschakeld). Schakel Dataroaming in als u e-mail, de browser en andere gegevensservices wilt kunnen gebruiken (mits dataroaming mogelijk is volgens de roamingovereenkomst).
Kies Algemeen > Netwerk bij Instellingen en schakel Dataroaming in. Er worden mogelijk kosten voor dataroaming in rekening gebracht.
Met GarageBand 4.1.1 kunt u uw originele nummer of geluidsopname exporteren, Apple Loops gebruiken of iLife-jingles gebruiken om een aangepaste beltoon voor uw iPhone te maken.
Hiervoor is het volgende nodig:
GarageBand 4.1.1 of hoger
iTunes 7.5 of hoger
iPhone met softwareversie 1.1.2 of hoger
Een aangepaste beltoon maken
Klik op de lusknop in de transportregelaars.
Klik in het LCD-scherm op de weergavemodusknop.
Kies Tijd in het venstermenu. Hierdoor wordt de numerieke weergave op de tijdbalk van balken en beats gewijzigd in absolute tijd (minuten en seconden).
Pas het lussegment op de tijdbalk aan om het gedeelte van het nummer in te sluiten dat u als beltoon wilt gebruiken. U kunt de lengte van het lussegment aanpassen door een van de uiteinden te selecteren en te slepen. U kunt de positie van het lussegment aanpassen door het te selecteren en vanaf het midden te slepen. Opmerking: dit gebied moet veertig seconden of korter zijn.
Bewaar het project met de naam die u voor uw beltoon wilt gebruiken.
Kies Stuur beltoon naar iTunes in het menu Deel.
Gebruik in iTunes het deelvenster Beltonen om de beltonen te selecteren die u naar de iPhone wilt synchroniseren.
Als Stuur beltoon naar iTunes niet beschikbaar is, controleert u of u iTunes 7.5 of hoger gebruikt. Kies Software-update in het Apple-menu. Als op uw iPhone een bericht verschijnt waarin wordt aangegeven dat uw beltoon niet is gekopieerd, controleert u of u iPhone-softwareversie 1.1.2 of hoger gebruikt.
U moet de iPhone eerst koppelen aan een Bluetooth-apparaat voordat u deze kunt gebruiken voor telefoongesprekken.
Een Bluetooth-headset of -carkit koppelen
Wanneer u de iPhone koppelt, werkt deze met slechts één headset. Op deze manier voorkomt u dat de iPhone uw oproepen doorstuurt naar een andere headset.
De iPhone koppelen aan een Bluetooth-headset of -carkit
Volg de instructies bij de headset of carkit zodat deze zichtbaar zijn voor of zoeken naar andere Bluetooth-apparaten. Hiervoor moet u mogelijk een toegangscode of PIN-nummer invoeren.
Kies Instellingen > Algemeen > Bluetooth in het beginscherm en schakel Bluetooth in. De iPhone zoekt naar aanwezige Bluetooth-apparaten.
Kies de headset of het apparaat op de iPhone en voer een toegangscode of PIN-nummer in. In de instructies bij de headset of carkit vindt u meer informatie over hoe u de toegangscode kunt ophalen.
Oproepen doorsturen via een Bluetooth-headset, carkit of iPhone
Wanneer u de iPhone heb gekoppeld aan een Bluetooth-apparaat, moet u verbinding maken zodat de iPhone het apparaat gebruikt voor oproepen.
Wanneer een verbinding tot stand is gebracht tussen de iPhone en een Bluetooth-apparaat, worden alle uitgaande oproepen standaard doorgestuurd via het apparaat. Inkomende oproepen worden doorgestuurd via het apparaat als u de oproep beantwoordt met het apparaat, en via de iPhone als u de oproep beantwoordt met de iPhone. In sommige gevallen wordt uw lijst met contactpersonen overgedragen naar de carkit en kunt u een gesprek beginnen door een contactpersoon te zoeken op het scherm van de carkit.
De iPhone kan slechts op één Bluetooth-apparaat tegelijkertijd worden aangesloten.
Oproepen doorsturen via een Bluetooth-headset of -carkit
Verbinding maken tussen de iPhone en de headset of carkit
Als u een verbinding tot stand wilt brengen met een Bluetooth-headset van een andere leverancier, raadpleegt u de documentatie bij de headset.
Wanneer u de iPhone met een Bluetooth-carkit hebt gekoppeld, wordt automatisch verbinding gemaakt met de carkit wanneer u de auto start (als u de iPhone bij u hebt en Bluetooth is ingeschakeld).
Bluetooth-status
U ziet of Bluetooth is ingeschakeld of uitgeschakeld en of een Bluetooth-apparaat is aangesloten op de iPhone door te letten op het Bluetooth-pictogram in de iPhone-statusbalk boven in het scherm:
of (wit): Bluetooth is ingeschakeld en het apparaat is aangesloten op de iPhone.
(grijs): Bluetooth is ingeschakeld, maar er is geen apparaat aangesloten. Als u de iPhone met een apparaat hebt gekoppeld, kan deze buiten bereik zijn of zijn uitgeschakeld.
Geen Bluetooth-pictogram in de statusbalk: Bluetooth is uitgeschakeld.
De headset of carkit niet langer gebruiken
Er zijn verschillende manieren om de headset of carkit niet langer te gebruiken en oproepen weer via de iPhone te ontvangen.
Oproepen doorsturen via de iPhone
Een oproep beantwoorden door op het touchscreen van de iPhone te tikken
Tik tijdens een oproep op Audio op de iPhone. Kies iPhone om oproepen via de iPhone te horen, kies Luidspreker om oproepen via de luidspreker te horen of kies een aangesloten Bluetooth-apparaat.
Schakel de headset of carkit uit of plaats de iPhone buiten bereik. U moet zich binnen 9 meter van het Bluetooth-apparaat bevinden om verbinding te kunnen maken met de iPhone.
Als u de Bluetooth-headset van de iPhone wilt uitschakelen, houdt u de knop ingedrukt totdat u dalende tonen hoort.
Een apparaat en de iPhone ontkoppelen
Als u de iPhone met een apparaat hebt gekoppeld en u wilt een ander apparaat gebruiken, moet u het eerste apparaat ontkoppelen.
Een apparaat en de iPhone ontkoppelen
Kies Instellingen > Algemeen > Bluetooth in het beginscherm. Als Bluetooth niet is ingeschakeld, schakelt u dit in.
Kies een apparaat en tik op Koppel los. Totdat u de iPhone en het apparaat opnieuw koppelt, worden er geen oproepen doorgestuurd via het apparaat.
Mail is een e-mailclient voor berichten met HTML-opmaak op de iPhone die compatibel is met de meeste gangbare e-mailsystemen zoals Yahoo!, Gmail (van Google), AOL en MobileMe van Apple, alsook met de meeste POP3-, IMAP- en Microsoft Exchange-e-mailsystemen. Met Mail kunt u foto's en afbeeldingen verzenden en ontvangen, die samen met de tekst in uw bericht worden weergegeven. Met Mail kunt u PDF-, Microsoft Word- en Excel-bestanden en andere bijlagen op de iPhone of iPod touch weergeven.
E-mailaccounts configureren
Met Mail kunt u uw e-mailaccount eenvoudig configureren. De eerste keer dat u uw e-mailaccount op de iPhone configureert, tikt u op het beginscherm op het symbool Mail. Als u een extra account met softwareversie 2.0 of hoger toevoegt, tikt u op het beginscherm op het symbool Instellingen en selecteert u achtereenvolgens Mail, Contacten, Agenda en Voeg account toe.
Als u een Microsoft Exchange-, MobileMe-, Gmail-, Yahoo!- of AOL-account wilt instellen, tikt u op het scherm Voeg account toe op de symbolen voor deze services en voert u uw accountinformatie in. Als u een e-mailaccount van een andere provider configureert, selecteert u Anders. In softwareversie 2.0 of hoger kunnen veel gangbare POP- en IMAP-e-mailaccounts automatisch worden geconfigureerd met alleen uw e-mailadres en wachtwoord. Wanneer in Mail instellingen worden gezocht die bij uw e-mailaccount horen, verschijnt mogelijk een bericht waarin eventuele beperkingen worden beschreven die u kunt ondervinden bij het gebruik van uw e-mailaccount. Als in Mail geen instellingen kunnen worden gevonden die nodig zijn voor de configuratie van uw e-mailaccount, raadpleegt u de documentatie van uw e-mailprovider voor informatie over hoe u een e-mailaccount handmatig configureert.
E-mailaccountinstellingen synchroniseren naar de iPhone
U gebruikt iTunes om uw e-mailaccountinstellingen naar de iPhone te synchroniseren. iTunes ondersteunt Mail op een Mac en Microsoft Outlook (2007 of 2003) en Outlook Express op een pc. Zie "iPhone synchroniseren met uw computer" voor meer informatie.
Opmerking: door de e-mailaccountinstellingen naar de iPhone te synchroniseren, kopieert u de configuratie van de e-mailaccount, niet de berichten zelf. Afhankelijk van uw type e-mailaccount en hoe deze is geconfigureerd, worden berichten in uw postbus op de iPhone en/of uw computer weergegeven. Mogelijk dient u uw wachtwoord op het apparaat in te voeren nadat uw accountinstellingen zijn gesynchroniseerd.
Als u geen e-mailaccount hebt
De meeste internetaanbieders bieden e-mailaccounts met een abonnement tegen betaling aan. E-mailaccounts zijn ook beschikbaar bij de MobileMe-service van Apple. Ga voor meer informatie over MobileMe naar www.apple.com/nl/mobileme.
Zorg dat u één van de volgende pictogrammen ziet boven in het scherm van de iPhone om te controleren of u verbonden bent met een netwerk. Controleer of de Vliegtuigmodus is uitgeschakeld als u geen van de onderstaande pictogrammen ziet. Als de Vliegtuigmodus is uitgeschakeld, moet u verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk met de iPhone of iPod touch of naar een gebied gaan met een mobiel gegevensnetwerk voor de iPhone. Controleer of andere internetprogramma's op uw apparaat, zoals Safari of Weer, wel goed werken als u wel een pictogram ziet.
3G Mobiel datanetwerk -
Edge Mobiel datanetwerk -
GPRS Mobiel datanetwerk -
Wi-Fi-netwerk
Voor informatie over het oplossen van problemen met de netwerkverbinding raadpleegt u een van de onderstaande assistenten voor probleemoplossing.
Controleer of alle ingevoerde instellingen voor uw e-mailaccount overeenkomen met de aanbevolen instellingen van uw e-mailprovider. Om de e-mailaccountinstellingen te wijzigen, raakt u het pictogram Instellingen aan op het beginscherm en tikt u op E-mail, Contacten, Agenda's. Opmerking: sommige instellingen van een internetprovider werken alleen wanneer er verbinding is met het netwerk van die provider. Vraag bij uw internetprovider of er een andere manier is om e-mail te versturen wanneer u geen verbinding met hun netwerk hebt. Als er geen andere methode is, volgt u onderstaande aanwijzingen voor manieren om uw e-mailaccount zo in te stellen dat u e-mail kunt versturen vanaf uw iPhone wanneer u verbonden bent met een mobiel datanetwerk, of overweeg een nieuwe e-mailaccount te maken.
iPhone Mail configureren voor een mobiel datanetwerk
In sommige gevallen kunt u door Wi-Fi uit te schakelen e-mail verzenden via een mobiel datanetwerk met uw huidige instellingen. Raak het pictogram Instellingen aan in het beginscherm en selecteer de optie Wi-Fi om Wi-Fi uit te schakelen. Als u nog steeds geen e-mail kunt verzenden, kunt u uw iPhone mogelijk instellen om e-mail te verzenden via de uitgaande mailserver van uw mobiele provider. In sommige gevallen werkt de uitgaande mailserver van uw mobiele provider alleen op hun mobiele netwerk. In dat geval moet Wi-Fi zijn uitgeschakeld. De instellingen voor de uitgaande server van uw mobiele provider zijn mogelijk opgenomen in de iPhone 2.0-software of hoger. Volg de volgende stappen om de instellingen in te schakelen. Neem anders contact op met uw mobiele provider voor de juiste instellingen.
Tik op het pictogram Instellingen in het beginscherm en selecteer de optie Mail, Contacten, Agenda's.
Kies in het gedeelte Accounts de e-mailaccount die u wilt bewerken.
Scroll naar de onderkant van het scherm en selecteer SMTP-server in het gedeelte Server uitgaande post.
In het gedeelte Andere SMTP-servers selecteert u de invoer van uw mobiele provider en zet u de instelling van UIT op AAN.
Een nieuwe gratis e-mailaccount maken
Als uw huidige provider beperkingen heeft op het verzenden van e-mail vanaf Wi-Fi of mobiele datanetwerken en u beide netwerken wilt kunnen gebruiken, kunt u overwegen een gratis account te maken van Yahoo!, Gmail of AOL Mail. U kunt deze accounts eenvoudig aanmaken op uw iPhone. In veel gevallen kunt u vanaf uw huidige account e-mail doorsturen naar uw nieuwe e-mailadres.
Met Vliegtuigmodus worden alle draadloze functies van iPhone uitgeschakeld om storing met vliegtuigapparatuur en andere elektrische apparaten te voorkomen. (U kunt Wi-Fi opnieuw inschakelen in de Vliegtuigmodus.) In de Vliegtuigmodus kunt u toepassingen waarvoor geen mobiele gegevensverbinding is vereist (zoals games van derden en iPod), blijven gebruiken.
Vliegtuigmodus inschakelen
Muziek luisteren en video kijken
Visuele voicemail beluisteren
Agenda bekijken
Foto's maken of weergeven
Herinneringen instellen
Stopwatch en timer gebruiken
Rekenmachine gebruiken
Aantekeningen maken
Tekstberichten en e-mailberichten lezen die op de iPhone zijn opgeslagen
Internettoepassingen gebruiken via het Wi-Fi-netwerk van een vliegmaatschappij
Andere toepassingen van derden gebruiken waarvoor geen mobiel gegevensnetwerk nodig is (zoals games)
Tik op Instellingen en schakel Vliegtuigmodus in.
Wanneer Vliegtuigmodus is ingeschakeld, wordt weergegeven in de statusbalk boven aan het scherm, en worden geen mobiele-telefoonsignalen, radiosignalen of Bluetooth-signalen verzonden door de iPhone (GPS niet beschikbaar met iPhone 3G). U kunt geen gesprekken voeren of tekstberichten verzenden of ontvangen. Als u de Vliegtuigmodus en Wi-Fi tegelijkertijd wilt gebruiken, schakelt u de Vliegtuigmodus in, tikt u vervolgens op Instellingen > Wi-Fi en selecteert u een Wi-Fi-netwerk.
Mits dit is toegestaan door het vliegtuigpersoneel en volgens de van toepassing zijnde wetten en regelgevingen, kunt u iPhone blijven gebruiken:
Wi-Fi
Met de Wi-Fi-instellingen wordt bepaald wanneer de iPhone plaatselijke Wi-Fi-netwerken gebruikt om verbinding te maken met internet.
Tip: als er geen Wi-Fi-netwerken beschikbaar zijn, of als u Wi-Fi hebt uitgeschakeld, maakt de iPhone verbinding met het internet via een mobiel gegevensnetwerk.
Wi-Fi in- of uitschakelen
Kies Algemeen > Netwerk en schakel Wi-Fi in of uit.
iPhone zo instellen dat u wordt gevraagd of u verbinding wilt maken met een nieuw netwerk
Wanneer u verbinding maakt met het internet via bijvoorbeeld Safari of Mail en u bevindt zich niet binnen het bereik van een Wi-Fi-netwerk dat u eerder hebt gebruikt, kunt u deze optie instellen zodat iPhone zoekt naar een ander netwerk. iPhone geeft een lijst weer met alle beschikbare Wi-Fi-netwerken waaruit u kunt kiezen. (Netwerken waarvoor een wachtwoord nodig is, worden weergegeven met een pictogram van een slot.)
Als 'Vraag bevestiging voor verbinding met nieuwe netwerken' is uitgeschakeld, moet u zich handmatig aanmelden bij een netwerk om verbinding te maken met het internet wanneer noch een eerder gebruikt netwerk, noch een mobiel gegevensnetwerk beschikbaar is.
Kies Wi-Fi en schakel 'Vraag om verbinding' in of uit. Als u 'Vraag om verbinding' uitschakelt, moet u handmatig verbinding maken met een netwerk.
Handmatig verbinding maken met een Wi-Fi-netwerk
Kies Wi-Fi, wacht een ogenblik terwijl iPhone zoekt naar netwerken binnen het bereik en kies een netwerk. Geef, indien van toepassing, een wachtwoord op en tik op Verbind. (Netwerken waarvoor een wachtwoord nodig is, worden weergegeven met een pictogram van een slot.)
Een netwerk uit de iPhone-instellingen verwijderen, zodat hier niet automatisch verbinding mee wordt gemaakt
Kies Wi-Fi en tik op naast een netwerk waarmee eerder verbinding is gemaakt. Tik vervolgens op 'Vergeet dit netwerk'.
Verbinding maken met een gesloten Wi-Fi-netwerk (een beschikbaar Wi-Fi-netwerk dat niet in de lijst met gescande netwerken wordt weergegeven)
Kies Wi-Fi > Ander en geef de netwerknaam op. Als voor het netwerk een wachtwoord is vereist, kiest u Beveiliging, tikt u op het type beveiliging voor het netwerk en geeft u het wachtwoord op.
U moet de naam, het wachtwoord en het type beveiliging van het netwerk weten om verbinding te kunnen maken met een gesloten netwerk.
Voor sommige Wi-Fi-netwerken is het mogelijk vereist om aanvullende instellingen op te geven of aan te passen, zoals een klant-id of statisch IP-adres. Vraag de netwerkbeheerder welke instellingen u moet gebruiken.
Instellingen aanpassen om verbinding te maken met een Wi-Fi-netwerk
Kies Wi-Fi en tik op naast een netwerk
Bluetooth
iPhone kan een draadloze verbinding maken met Bluetooth-headsets en carkits voor hands-free bellen.
Bluetooth voor de iPhone in- of uitschakelen
Kies Instellingen > Algemeen > Bluetooth in het beginscherm en schakel Bluetooth in of uit.
VPN
VPN's (Virtual Private Network) worden vaak binnen organisaties gebruikt om gebruikers privé te laten communiceren via netwerken die niet privé zijn. Zo moet u VPN wellicht configureren om uw zakelijke e-mail te lezen op de iPhone.
iPhone kan verbinding maken met VPN's die gebruikmaken van het L2TP-, PPTP- of Cisco IPSec-VPN-protocol. VPN werkt via zowel Wi-Fi-verbindingen als mobiele gegevensnetwerkverbindingen.
VPN configureren
Kies Algemeen > Netwerk > VPN en tik op Instellingen. Vraag uw netwerkbeheerder welke instellingen u moet gebruiken. In de meeste gevallen kunt u op de iPhone dezelfde VPN-instellingen gebruiken als op uw computer.
VPN in- of uitschakelen
Nadat u VPN-instellingen hebt ingevoerd, verschijnt een optie VPN op het bovenste niveau van de lijst Instellingen.
V: Waarom worden op de originele iPhone en de iPhone 3G op dezelfde locatie een verschillend aantal staafjes weergegeven?
A: De originele iPhone gebruikt alleen 2G (EDGE en GPRS), terwijl de iPhone 3G zowel 3G als 2G en steeds het best beschikbare netwerk gebruikt. Bij de meeste aanbieders is de netwerkdekking voor 2G groter dan voor 3G, maar de netwerkdekking voor 3G breidt gestaag uit.
V: Volgens de dekkingskaart van mijn aanbieder heb ik 3G-dekking, maar ik ontvang geen signaal. Wat kan ik doen?
A: Dekkingskaarten die door aanbieders ter beschikking worden gesteld, geven gewoonlijk slechts een benadering. Neem contact op met uw aanbieder bij dekkingsproblemen.
V: Waarom werkt mijn iPhone 3G waarop slechts 1 staafje wordt weergegeven, beter tijdens het bellen dan een originele iPhone?
A: Waneer u gebruik maakt van een 3G-netwerk, kunt u via meer dan één antenne tegelijk communiceren. 3G is zo ontworpen dat het zelfs bij een zwak signaal beter werkt dan 2G. Signaalstaafjes voor 2G zijn niet vergelijkbaar met 3G-staafjes. De staafjes geven slechts een indicatie van de kwaliteit van het signaal.
V: Waarom wordt op mijn iPhone 3G slechts 1 staafje weergegeven terwijl er op een andere 3G-telefoon 2 worden weergegeven.
A: Er bestaat geen standaard voor de toewijzing van staafjes aan het signaalniveau. De staafjes geven slechts een indicatie van de kwaliteit van het signaal.
V: Is de spraakkwaliteit bij 3G beter dan bij 2G?
A: Ja, met 3G kunt u via meerdere antennes tegelijk communiceren en meer gegevens verwerken dan met 2G.
V: Wat gebeurt er als ik 3G op de iPhone 3G uitschakel?
A: Hierdoor wordt het 3G-netwerk uitgeschakeld en wordt u beperkt tot 2G. Als 3G is uitgeschakeld, kunt u niet tegelijk spraak en gegevens gebruiken, tenzij u een Wi-Fi-verbinding voor uw gegevens gebruikt. Mogelijk hebt u meer gesprekstijd als u 3G uitschakelt. Zie de iPhone 3G-specificaties voor meer informatie.
Wanneer u een voor internet geschikte toepassing gebruikt, worden de volgende acties op uw iPhone uitgevoerd totdat u met internet bent verbonden:
Er wordt verbinding gemaakt met het laatst gebruikte Wi-Fi-netwerk dat beschikbaar is.
Als geen door u gebruikte Wi-Fi-netwerken beschikbaar zijn, wordt een lijst met Wi-Fi-netwerken binnen bereik weergegeven. Tik een netwerk aan en voer zo nodig het wachtwoord in om verbinding te maken. Naast netwerken waarvoor een wachtwoord is vereist, wordt weergegeven.
Als geen Wi-Fi-netwerken beschikbaar zijn of u ervoor kiest geen verbinding te maken met een Wi-Fi-netwerk, maakt de iPhone verbinding via het mobiele datanetwerk.
Opmerking: u kunt bellen en tegelijk Wi-Fi of 3G gebruiken. Andere mobiele datanetwerken zijn niet beschikbaar wanneer u belt.
Wi-Fi
Wi-Fi is vaak sneller dan mobiele datanetwerken. Wi-Fi-netwerken hebben een beperkt bereik. De iPhone kan thuis, op het werk of bij Wi-Fi-hotspots over de hele wereld verbinding maken met AirPort- en andere Wi-Fi-netwerken. Wanneer de iPhone met een Wi-Fi-netwerk is verbonden, geeft het Wi-Fi-symbool in de statusbalk boven aan het scherm de sterkte van de verbinding aan. Hoe meer staafjes u ziet, hoe sterker de verbinding.
Als u alle Wi-Fi-netwerken binnen bereik wilt weergeven, kiest u in het beginscherm Instellingen > Wi-Fi. Tik een netwerk aan om verbinding te maken.
Terwijl tal van Wi-Fi-netwerken gratis kunnen worden gebruikt, worden voor sommige netwerken kosten in rekening gebracht. Als u verbinding wilt maken met een Wi-Fi-netwerk waarvoor kosten in rekening worden gebracht, kunt u in de meeste gevallen Safari openen en op een webpagina inloggen bij de service.
Zie de sectie Wi-Fi van de iPhone Gebruikershandleiding voor informatie over het configureren van de Wi-Fi-instellingen.
Mobiele datanetwerken
Met mobiele datanetwerken kunt u verbinding met internet maken via het mobiele netwerk. Controleer de netwerkdekking van uw aanbieder in uw omgeving.
U weet dat de iPhone via een mobiel datanetwerk met internet is verbonden als , of in de statusbalk boven aan het scherm wordt weergegeven.
Als u zich buiten het bereik van het netwerk van uw aanbieder bevindt, kunt u een mobiel datanetwerk van een andere aanbieder gebruiken. Mogelijk worden roamingkosten in rekening gebracht.
Opmerking: als dit geen 3G-netwerk is en u gegevens via het mobiele datanetwerk overzet, bijvoorbeeld als u een webpagina downloadt, kunt u niet worden gebeld. Inkomende gesprekken worden mogelijk doorgestuurd naar uw voicemail.
VPNs (virtual private networks) worden vaak binnen organisaties gebruikt om gebruikers privé te laten communiceren via netwerken die niet privé zijn. Zo moet u VPN wellicht configureren om uw zakelijke e-mail te lezen op de iPhone.
De iPhone en iPod touch met iPhone 2.0-software of later kunnen verbinding met VPN's die gebruik maken van de VPN-protocollen L2TP, PPTP of Cisco IPSec VPN. VPN werkt met zowel WiFi als mobiele netwerkverbindingen.
VPN configureren
Kies Algemeen > Netwerk > VPN en daarna Voeg VPN-configuratie toe. Vraag uw netwerkbeheerder welke instellingen u moet gebruiken. Als u al een vergelijkbare VPN op uw computer hebt ingesteld, kunt u in de meeste gevallen dezelfde VPN-instellingen gebruiken op de iPhone.
VPN in- of uitschakelen
Nadat u een VPN-configuratie hebt aangemaakt, kan de VPN-schakelaar bpven aan de lijst VPN-configiraties worden gebruikt voor het in- en uitschakelen van VPN.
Kies de gewenste VPN-configuratie en tik of schuif op de schakelaar om VPN in of uit te schakelen.
Probeer de DHCP-lease te vernieuwen op commerciële hotspots
Als u problemen ondervindt met het gebruik van een commerciële (betaalde) Wi-Fi-hotspot, bijvoorbeeld op een luchthaven of in een café, probeer dan uw DHCP-lease te vernieuwen.
Tik op Instellingen > Wi-Fi-netwerken en vervolgens op de knop voor meer informatie naast het netwerk.
Kies Vernieuw lease in het DHCP-venster.
Als de Wi-Fi-verbinding van de iPhone overschakelt op het mobiele datanetwerk
Als u een verbinding probeert te maken met Wi-Fi en het lijkt of u verbonden bent, maar op een webpagina terugvalt op het mobiele datanetwerk, kan dit te maken hebben met een bekend probleem als de draadloze router MAC-adresfiltering gebruikt en het MAC-adres van de iPhone niet is opgenomen in de filterlijst. Dit kan ook gebeuren als het WEP-wachtwoord verkeerd is ingevoerd.
Als u dit probleem tegenkomt en een WEP-wachtwoord gebruikt, tikt u op de iPhone op Instellingen > Wi-Fi. Tik vervolgens op Meer info (>) naast de Wi-Fi-netwerknaam en tik dan op Vergeet dit netwerk. Probeer vervolgens opnieuw verbinding te maken met het Wi-Fi-netwerk. U kunt ook proberen WEP-codering op de draadloze router uit te schakelen.
Als MAC-adresfiltering ingeschakeld is op de draadloze router, dient u ervoor te zorgen dat het Wi-Fi-adres van de iPhone (onder Instellingen > Algemeen > Info) is opgenomen in het filter van de router. Raadpleeg de documentatie bij uw draadloze router voor meer informatie.
Zwak Wi-Fi-signaal op iPhone
Als u problemen hebt met het gebruik van internet, e-mail, webpagina's of andere activiteiten waarbij gegevens worden opgehaald met de iPhone (mogelijk krijgt u het foutbericht "kan geen verbinding maken met de server") en het Wi-Fi-symbool duidt op een heel zwak signaal, probeer dan Wi-Fi uit te schakelen op het apparaat zodat de iPhone kan overschakelen op het mobiele datanetwerk (tik op Instellingen > Wi-Fi en schakel Wi-Fi uit).
Fout bij verbinding met het netwerk (fout -3) tijdens Wi-Fi-verbinding
Als het bericht Fout bij verbinding met het netwerk (fout -3) wordt weergegeven op de iPod touch of iPhone wanneer u verbinding probeert te maken met uw Wi-Fi-netwerk, controleert u uw Wi-Fi-netwerknaam (SSID) en beveiligingsinstellingen (WEP-wachtwoord, WEP hex of ASCII, WPA, of WPA2) voor het apparaat.
Controleer op de Wi-Fi Access Point/Router of MAC-adresfiltering AAN of UIT is op de router, of de beveiligingsinstellingen op de router overeenkomen met de iPhone of iPod touch (WEP-wachtwoord, WEP hex of ASCII, WPA of WPA2), en probeer QoS (quality of service) uit te schakelen als die functie in ingeschakeld voor de router.
Als na de bovenstaande handelingen nog steeds het bericht Fout bij verbinding met het netwerk (fout -3) wordt weergegeven op het apparaat wanneer u verbinding probeert te maken, tikt u op Instellingen > Wi-Fi > Overig (onder Kies een netwerk), voer de Wi-Fi-netwerknaam (SSID) in, selecteer uw beveiligingsinstellingen en voer uw wachtwoord in.
Geen internettoegang bij wisselen van netwerk
Als u wisselt tussen verschillende Wi-Fi-netwerken en geen toegang tot internet of andere gegevensbronnen kunt krijgen op de iPhone via Wi-Fi, probeer dan Airplane Mode aan en weer uit te zetten (tik op Instellingen, schakel Airplane Mode in en schakel Airplane Mode vervolgens weer uit). Voor de iPod touch schakelt u Wi-Fi uit en dan weer in (tik op Instellingen > Wi-Fi, schakel Wi-Fi uit en schakel Wi-Fi vervolgens weer in). Als het probleem blijft optreden, tik dan op Instellingen > Wi-Fi > Overig (onder Kies een netwerk), voer de Wi-Fi-netwerknaam (SSID) in, selecteer uw beveiligingsinstellingen en voer uw wachtwoord in.
Wi-Fi kan niet worden gebruikt met de iPod touch of iPhone omdat er geen MAC-adres wordt weergegeven voor het apparaat
Lees dit artikel voor assistentie bij het oplossen van dit probleem.
Stel de netwerkinstellingen van uw iPod touch of iPhone opnieuw in
In sommige gevallen moet u mogelijk de netwerkinstellingen van uw apparaat opnieuw instellen. Selecteer Instellingen > Algemeen > Stel opnieuw in > Herstel netwerkinstellingen.
Aanvullende informatie
Raadpleeg de documentatie van het Wi-Fi-toegangspunt dat u thuis gebruikt om u te ondersteunen bij de volgende suggesties
Kijk op de website van de fabrikant van uw router om te controleren of u de nieuwste update van de software en firmware hebt geïnstalleerd.
Als u meer dan één WEP-sleutel hebt geconfigureerd op uw router, probeert u de andere WEP-sleutels de wissen zodat u slechts één WEP-sleutel op uw router hebt.
Probeer uw router opnieuw in te stellen.
Probeer de draadloze beveiliging van uw router, zoals versleuteling, uit te schakelen en zorg dat uw SSID wordt uitgezonden om het probleem te isoleren.
Probeer als laatste mogelijkheid de fabrieksinstellingen van uw Wi-Fi-router te herstellen.
Als u een iTunes App Store-account wilt maken zonder een creditcard, volgt u de onderstaande instructies.
Opmerking: om een account aan te maken zonder creditcard moet u in de App Store zijn en niet in de iTunes Store.
Kies uw land uit het keuzemenu onderaan de iTunes Store-homepage.
Als uw land ook een iTunes Store heeft, zult u naar de App Store moeten gaan door op de koppeling App Store te klikken in het menu links. Als dit niet zo is, gaat u naar stap 3.
Belangrijk: voordat u doorgaat naar de volgende stap, moet u een gratis programma aanschaffen door op Krijg te klikken.
Klik op Maak nieuwe account aan.
Klik op Ga door.
Lees de voorwaarden voor iTunes en schakel het selectievakje 'Ik heb de algemene voorwaarden van iTunes gelezen en ga ermee akkoord' in om aan te geven dat u hiermee akkoord gaat. Klik op Ga door.
Voer uw e-mailadres in, kies een wachtwoord, geef een beveiligingsvraag en antwoord op en voer uw geboortedatum in. Klik op Ga door.
Selecteer Geen bij de betalingsmethode.
Voer de verplichte velden voor naam en adres in.
Vervolgens wordt een scherm voor het controleren van uw account weergegeven. Klik op Gereed en controleer uw e-mailberichten op een verificatiebericht van 'iTunes Store'.
Open het e-mailbericht en klik op de phobos-koppeling in het bericht om uw account te activeren.
Zodra u op de koppeling klikt, wordt u gevraagd u aan te melden met uw accountnaam en wachtwoord.
Vervolgens wordt een scherm 'Gefeliciteerd' weergegeven. Klik op Gereed om naar de startpagina App Store te gaan.
U kunt programma's voor iPhone aanschaffen en downloaden in de iTunes Store via iTunes op uw Mac of pc of via de App Store die bij de iPhone 2.0-software op de iPhone is geleverd. Voor meer informatie over het synchroniseren van programma's in iTunes, bekijkt u de onderstaande informatie.
Programma's die zijn aangeschaft in iTunes synchroniseren met iPhone
Wanneer u programma's aanschaft in de iTunes Store via iTunes op uw Mac of pc, worden deze gedownload naar het gedeelte Programma's in de iTunes-bibliotheek, zoals hieronder wordt weergegeven. iTunes 7.7 of hoger is vereist om programma's in de iTunes Store te kunnen aanschaffen.
Ga als volgt te werk om programma's die u op uw Mac of pc hebt gedownload te synchroniseren met uw iPhone:
Sluit uw iPhone aan en open iTunes.
Controleer of op uw apparaat iPhone 2.0 of hoger is geïnstalleerd. Selecteer het apparaat in het gedeelte voor apparaten aan de linkerkant in het iTunes-venster en bekijk de informatie op het tabblad Samenvatting. Als op uw apparaat een oudere versie van de software is geïnstalleerd, bekijkt u ondersteuningsartikel HT1414 voor meer informatie over hoe u de software kunt bijwerken.
Selecteer het tabblad Programma's en selecteer alle programma's of selecteer titels, zoals hieronder is weergegeven:
Maak uw selectie en klik op Pas toe in de rechterbenedenhoek in het iTunes-venster om de synchronisatie te starten.
Als u een programma uit de iTunes-bibliotheek verwijdert, wordt het programma de volgende keer dat u uw iPhone met deze computer synchroniseert, van het apparaat verwijderd. Als u een programma van het apparaat verwijdert, maar niet uit uw iTunes-bibliotheek, wordt het de volgende keer dat u verbinding maakt met iTunes opnieuw gesynchroniseerd naar het apparaat.
Wanneer u programma's hebt aangeschaft via de App Store op de iPhone, worden deze rechtstreeks naar het apparaat gedownload en kunt u deze direct gebruiken. U kunt deze programma's opnieuw synchroniseren naar uw iTunes-bibliotheek met iTunes 7.7 of hoger. Maak een verbinding tussen uw iPhone en de iTunes-bibliotheek waarmee u normaal gesproken synchroniseert. U wordt gevraagd of u de programma's die u op het apparaat hebt aangeschaft, wilt overdragen naar de iTunes-bibliotheek, zoals hieronder wordt weergegeven. De programma's worden opgeslagen in het gedeelte Programma's in de iTunes-bibliotheek. Wanneer u zich bij de iTunes-bibliotheek aanmeldt met een andere account dan de iTunes Store-account die is gebruikt om het programma op het apparaat aan te schaffen, wordt het programma niet naar de iTunes-bibliotheek overgedragen en van het apparaat verwijderd.
Als u een programma uit de iTunes-bibliotheek verwijdert, wordt het programma de volgende keer dat u uw iPhone met deze computer synchroniseert, van het apparaat verwijderd. Als u een programma van het apparaat verwijdert, maar niet uit uw iTunes-bibliotheek, wordt het de volgende keer dat u verbinding maakt met iTunes opnieuw gesynchroniseerd naar het apparaat.
Als u programma's normaal gesproken synchroniseert naar uw apparaat op een bepaalde computer en vervolgens verbinding maakt tussen het apparaat en iTunes op een andere computer, zal iTunes niet proberen programma's in die bibliotheek te synchroniseren. Programma's kunnen alleen worden gesynchroniseerd met één iTunes-bibliotheek. Als u verbinding hebt gemaakt tussen uw iPhone en een iTunes-bibliotheek waarmee u normaal gesproken niet synchroniseert, kunt u aangeschafte programma's overdragen vanaf het apparaat door in iTunes naar Archief > Zet aankopen over te gaan.
Uw iTunes-bibliotheek synchroniseren met iPod en iPhone is eenvoudig. iTunes synchroniseert standaard uw gehele iTunes-bibliotheek automatisch op het moment dat u uw apparaat op uw computer aansluit. Bij iedere volgende synchronisatie voegt iTunes automatisch eventuele nieuwe muziek of videoclips toe aan de iPod of iPhone en verwijdert het programma onderdelen die niet langer in uw iTunes-bibliotheek staan.
Muziek en videoclips op uw iPod of iPhone kunnen ook handmatig worden beheerd. Als u de iPod of iPhone handmatig beheert, is het mogelijk alleen die nummers en videoclips te kiezen die u op uw apparaat wilt hebben. Dit is met name handig als uw iTunes-bibliotheek meer onderdelen bevat dan op uw iPod of iPhone passen. Om onderdelen toe te voegen aan uw iPod of iPhone, kiest en sleept u een nummer, videoclip of afspeellijst uit uw iTunes-bibliotheek naar het symbool van de iPod of iPhone (onder Apparaten) links in het iTunes-venster.
De iPhone voor handmatig beheer configureren
Als u iTunes 7 of hoger hebt, volgt u deze instructies.
Sluit de iPod of iPhone aan op uw computer.
Open iTunes.
Selecteer de iPhone in de lijst Apparaten.
Klik op de tab Samenvatting en selecteer Beheer muziek en video's handmatig (Mac) en Muziek en video's beheren (Windows).
Klik op Pas toe (Mac) of Toepassen (Windows).
Als handmatig beheer is ingeschakeld, kunt u bepaalde inhoud nog altijd automatisch synchroniseren. Selecteer een tab met inhoud, zoals Video, om automatisch dat soort inhoud te synchroniseren.
Inhoud handmatig toevoegen aan de iPhone
Nadat u de volgende stappen hebt uitgevoerd kunt u losse nummers, video's en afspeellijsten van iTunes op uw iPhone zetten. Sleep het onderdeel naar het symbool van de iPhone in de lijst Apparaten links in het iTunes-venster.
Tip: voordat u audio-cd's aan de iPhone kunt toevoegen, moet u deze eerst naar iTunes importeren.
Opmerking: ook voor handmatig beheer is bepaalde inhoud mogelijk slechts in één bibliotheek tegelijk beschikbaar. Dit geldt voor alle inhoud op de iPhone en voor video-inhoud op de iPods.
Wanneer u de iPhone aansluit op een computer, worden mogelijk geen gegevens met het apparaat gesynchroniseerd. De volgende melding wordt weergegeven:
"De iPhone kan niet worden gesynchroniseerd, omdat er onvoldoende vrije ruimte is voor alle items in de geselecteerde afspeellijsten."
Oplossing
Er zijn verschillende mogelijke oorzaken. Begin met Oplossing 1. Als u het probleem blijft ondervinden, probeert u Oplossing 2 en, indien nodig, Oplossing 3.
Oplossing 1
Wanneer de iPhone fysiek wordt losgekoppeld terwijl muziek of foto's worden gesynchroniseerd, kunnen zwevende gegevensbestanden op de iPhone worden achtergelaten. Dit kan ertoe leiden dat iTunes tijdens meerdere opeenvolgende synchronisatiesessies niet kan synchroniseren met de iPhone.
Een van de symptomen van dit probleem ziet u in iTunes doordat de indicator Capaciteit een grote hoeveelheid "Ander" schijfgebruik aangeeft voor de iPhone. Ga als volgt te werk om dit probleem op te lossen:
Schakel de synchronisatieopties voor muziek of foto's voor de iPhone in iTunes uit.
Klik op Pas toe om de wijzigingen te synchroniseren met de iPhone.
Schakel de synchronisatieopties voor muziek en foto's voor de iPhone opnieuw in.
Klik nogmaals op Pas toe om de iPhone te synchroniseren met iTunes.
Oplossing 2
Schakel de functies voor automatische synchronisatie voor de iPhone uit. Ga als volgt te werk:
Selecteer iPhone in de lijst Bron in iTunes en klik op het tabblad Samenvatting.
Schakel "Synchroniseer automatisch wanneer deze iPhone wordt aangesloten" uit en schakel het selectievakje "Synchroniseer alleen gemarkeerde onderdelen" in.
Klik op Pas toe om de wijzigingen met de iPhone te synchroniseren.
Selecteer minder gegevens om met de iPhone te synchroniseren en synchroniseer het apparaat opnieuw. Als bijvoorbeeld de geheugencapaciteit van de iPhone wordt overschreden wanneer u uw muziekbibliotheek synchroniseert, kiest u "Geselecteerde afspeellijsten" om te synchroniseren in plaats van "Alle nummers en afspeellijsten" op het tabblad Muziek in iTunes.
Remote is een softwaretoepassing voor iPone en iPhone touch waarmee u het afspelen van audio- en videobestanden in uw iTunes-bibliotheek en op de Apple TV kunt regelen. In dit artikel wordt uitgelegd hoe Remote geïnstalleerd moet worden en er worden oplossingen voor eventuele problemen gegeven. Remote kan zowel met behulp van de App Store op iPhone of iPod touch van de iTunes Store worden gedownload als met behulp van iTunes op uw Mac of pc.
Systeemvereisten voor Remote (iTunes)
iPhone of iPod touch met softwareversie 2.0 of hoger
iTunes 7.7 of hoger
Systeemvereisten voor Remote (AppleTV)
iPhone of iPod touch met softwareversie 2.0 of hoger
Apple TV met softwareversie 2.1 of hoger
Remote configureren
Remote moet zijn gekoppeld met uw iTunes-bibliotheek of Apple TV om de inhoud te kunnen afspelen. Volg de instructies hieronder om Remote te koppelen.
iTunes
Open iTunes op uw Mac of pc.
Sluit iPhone of iPod touch aan op een Wi-Fi-netwerk dat verbonden is met het lokale netwerk waarmee uw Mac of pc is verbonden.
Open de Remote-toepassing op uw mobiele apparaat.
Selecteer Bibliotheek toevoegen in het scherm instellingen Remote.
Remote geeft een 4-cijferig wachtwoord weer. Selecteer de naam van uw iPhone of iPod touch in de lijst Apparaten in iTunes en voer het wachtwoord in.
Remote wordt met iTunes gekoppeld en u kunt met Remote in uw bibliotheek gaan zoeken en materiaal selecteren om af te spelen.
Apple TV
Open iTunes op uw Mac of pc.
Sluit iPhone of iPod touch aan op een Wi-Fi-netwerk dat verbonden is met het lokale netwerk waarmee uw Mac of pc is verbonden.
Open de Remote-toepassing op uw mobiele apparaat.
Selecteer Bibliotheek toevoegen in het scherm instellingen Remote.
Remote geeft een 4-cijferig wachtwoord weer. Selecteer op Apple TV Instellingen van het hoofdmenu, selecteer Algemeen en dan Remotes.
Selecteer de naam van uw iPhone of iPod touch.
Voer het 4-cijferige wachtwoord in. Gebruik de toets volume omhoog/volume omlaag op de Apple Remote (Infrarood) om het weergegeven nummer e wijzigen en gebruik de toetsen volgende/terus om de cijfers te veranderen.
Klik op Gereed
Remote wordt met Apple TV gekoppeld en u kunt met Remote in uw bibliotheek gaan zoeken en materiaal selecteren om af te spelen.